Hardloopschoenen kiezen
Een schoen die comfortabel voelt bij het passen, geeft in de praktijk de minste klachten.
Waarop kiezen
Onderzoek naar schoenkeuze wijst steeds in dezelfde richting: comfort bij het passen voorspelt klachten beter dan een analyse van de voetstand. Een schoen die direct goed voelt, hoeft niet te worden ingelopen.
| Punt | Richtlijn |
|---|---|
| Lengte | Een halve tot een hele centimeter ruimte voor de langste tenen |
| Breedte | De voorvoet mag uitzetten; zijdruk geeft blaren en doof gevoel |
| Hielvast | De hiel blijft zitten bij afzetten |
| Passen | Aan het eind van de dag, met de eigen sokken |
Demping en steun
Meer demping is niet automatisch veiliger en een steunschoen voorkomt geen blessures bij iedereen met een doorzakkende voet. Wat wel helpt: niet ineens overstappen op een schoen met een heel andere hoogteverhouding tussen hiel en voorvoet, omdat dat de belasting verschuift naar de kuit en de achillespees.
Vervangen
Gangbaar is tussen de zeshonderd en duizend kilometer, afhankelijk van gewicht, ondergrond en loopstijl. De zool aan de buitenkant is een betere aanwijzing dan het aantal kilometers: waar de structuur is weggesleten of de tussenzool rimpelt, is de demping op.
Twee paar afwisselen
Afwisselen tussen twee verschillende paren verdeelt de belasting iets anders per training en verlengt de levensduur van beide. Dat is geen noodzaak maar wel een van de weinige maatregelen met een aantoonbaar effect op blessures.
Sokken
Naadloze sportsokken die vocht afvoeren, voorkomen meer blaren dan een dure schoen. Katoen houdt vocht vast en schuurt.